De Bezige Bij Amsterdam Antwerpen 2015
Vertaald uit het Hebreeuws door Hilde Pach 388 blz.
Het is te verwachten dat een boek met deze titel over verraad gaat. Het speelt zich af in winters Jeruzalem in 1959. De 25-jarige Sjmoeël, een student Bijbelse geschiedenis, stopt met zijn studie. Hij voelt zich verraden door zijn vriendin, die opeens met een ander gaat trouwen. Bovendien kunnen zijn ouders zijn studie niet meer bekostigen vanwege financiële problemen. Hij neemt nu een baantje aan tegen kost en inwoning als een soort oppasser/gezelschapsheer voor een oude man. Hij discussieert met hem over veel zaken van belang, met name over het Israélisch-Arabische conflict en de visie van de joden op Jezus en Judas, In het huis woont ook de 45-jarige schoondochter van de oude man, Atalja. Zij is de weduwe van zijn zoon, die gesneuveld is in de strijd tegen de Palestijnen. Haar vader was een Israëlische dissident, die zich keerde tegen de in zijn ogen imperialistische houding van Ben Goerion in het conflict met de Arabieren. Deze Abarbanel vond bij vrijwel niemand in Israël gehoor en werd om zijn mening verguisd. Sjmoeël raakt zeer in hem geïnteresseerd en vat een hopeloze liefde op voor de mooie, maar verbitterde Atalja.
De roman is geschreven in een prachtige stijl en raakt door het verhaal over de personages die gewond zijn door de gebeurtenissen die helaas nog steeds actueel zijn, en door de visie op Jezus en Judas vanuit een joods perspectief.
maandag 22 augustus 2016
donderdag 30 juni 2016
Arita Baayens: Zoektocht naar het paradijs
Een onderzoek naar waarheid en werkelijkheid in het hart van
Centraal-Azië.
Atlas Contact Amsterdam Antwerpen 2016 315 blz.
‘We lunchen op de Kremlinpas, een natuurlijke vesting van
metershoge stenen richels die loodrecht uit het gras oprijzen. Beneden, waar de
vallei op zijn breedst is, liggen twee gletsjermeren naast elkaar, als twee
ogen die de hemel in kijken.’ Het zijn dit soort natuurbeschrijvingen met mooie
vergelijkingen die maken dat ik dit reisboek met zoveel genoegen heb gelezen.
Ik zie het zo voor me, alsof ik zelf te paard het Altajgebergte in Siberië tegen
de klok in omcirkel.
Arita Baayens, ontdekkingsreizigster en bioloog, verbleef
twintig jaar in de woestijn van Noord-Afrika. Ze schreef daarover onder meer de
boeken Een regen van eeuwig vuur en Woestijnnomaden. Maar de magie van kamelen
en zand is na zoveel jaar uitgewerkt en nu zoekt ze een nieuwe obsessie. ‘Het
moest een gebied zijn met een cultuur, taal en religie die ik nog niet kende,
het klimaat moest extreem zijn en het gebied groot genoeg om in te verdwalen en
desnoods dood te gaan.’ En zo komt ze in Siberië terecht, waar ze Shambhala,
het paradijs, probeert te vinden. Ze
maakt de tocht samen met Wayne, een Amerikaan die ze ‘de cowboy’ noemt.
Het woeste gebergte ligt op de grens van vier landen:
Rusland, Kazachstan, China en Mongolië. Arita beschrijft wat ze zoal meemaakt, waarneemt
en overdenkt op deze reis van honderd dagen. Het gaat niet zozeer over de
ontberingen als wel over de adembenemende schoonheid van het gebied en de
ontmoetingen met sjamanen en andere lokale bewoners met hun geloof in de
heiligheid van de natuur. Wat stelt de westerse wetenschap daartegenover? Nog
twee citaten: “Het paradijs zoeken gaat over een gemis, een verlangen naar iets
wat de mens ooit bezat en is kwijtgeraakt.’ En de slotzin: ‘De kunst is te
leven op de rand van het mysterie, waar vragen niet op antwoorden wachten maar
richting geven aan de zoektocht die nooit ten einde komt.’
donderdag 7 april 2016
H.M. van den Brink: Dijk
Uitgeverij Augustus Atlas Contact
Amsterdam Antwerpen 2016 189 blz.
Van den Brink had in 1998 veel succes met de kleine roman Over het water. In dat boek gaat het over een bijzondere vriendschap tussen twee jongens die elkaar leren kennen bij het westrijdroeien in de Amstel. De gebeurtenissen spelen zich af aan in de jaren veertig van de vorige eeuw tegen het decor van de Amsterdamse Diamantbuurt.
Nu heeft Van den Brink een boek geschreven waarin het ijkwezen centraal staat. De ikfiguur kijkt terug op zijn lange loopbaan als ijkmeester. We lezen over de avonturen die hij meemaakt tijdens zijn werkbezoeken aan kruideniers en andere winkeliers in Noord-Holland. Karl Dijk, jarenlang zijn collega, is een mysterieuze man die tijdens zijn eigen afscheidsreceptie schittert door afwezigheid.
Het boek heeft een knappe compositie en een mooie schrijfstijl, die doorregen is met woorden en uitdrukking uit de wereld van het ijken, het meten en wegen.
Amsterdam Antwerpen 2016 189 blz.
Van den Brink had in 1998 veel succes met de kleine roman Over het water. In dat boek gaat het over een bijzondere vriendschap tussen twee jongens die elkaar leren kennen bij het westrijdroeien in de Amstel. De gebeurtenissen spelen zich af aan in de jaren veertig van de vorige eeuw tegen het decor van de Amsterdamse Diamantbuurt.
Nu heeft Van den Brink een boek geschreven waarin het ijkwezen centraal staat. De ikfiguur kijkt terug op zijn lange loopbaan als ijkmeester. We lezen over de avonturen die hij meemaakt tijdens zijn werkbezoeken aan kruideniers en andere winkeliers in Noord-Holland. Karl Dijk, jarenlang zijn collega, is een mysterieuze man die tijdens zijn eigen afscheidsreceptie schittert door afwezigheid.
Het boek heeft een knappe compositie en een mooie schrijfstijl, die doorregen is met woorden en uitdrukking uit de wereld van het ijken, het meten en wegen.
zondag 10 januari 2016
Joke van Leeuwen: De onervarenen
Querido Amsterdam 2015
237 blz.
In de negentiende eeuw vertrekt een groep arme mensen onder leiding van de Maatschappij voor overzeese verplaatsing per schip naar Midden- of Noord-Amerika. De reis is zwaar en ter plekke wachten hen niet de gouden bergen die waren beloofd.
We zien alles door de ogen van een jonge vrouw, Odile, die in gezelschap van haar man en moeder meegaat. Bij veel mensen in de groep komt het slechtste naar boven, als de omstandigheden zich tegen hen keren. De gebeurtenissen zijn soms ontroerend. Zo is het vast vaak gegaan, denk ik dan. Op ander momenten zijn ze droogkomisch, door het beperkte perspectief van vooral de jonge Odile. Ik heb er zeer van genoten.
237 blz.
In de negentiende eeuw vertrekt een groep arme mensen onder leiding van de Maatschappij voor overzeese verplaatsing per schip naar Midden- of Noord-Amerika. De reis is zwaar en ter plekke wachten hen niet de gouden bergen die waren beloofd.
We zien alles door de ogen van een jonge vrouw, Odile, die in gezelschap van haar man en moeder meegaat. Bij veel mensen in de groep komt het slechtste naar boven, als de omstandigheden zich tegen hen keren. De gebeurtenissen zijn soms ontroerend. Zo is het vast vaak gegaan, denk ik dan. Op ander momenten zijn ze droogkomisch, door het beperkte perspectief van vooral de jonge Odile. Ik heb er zeer van genoten.
Jan Brokken: De kozakkentuin
Atlas Contact Amsterdam Antwerpen 2015
320 blz.
Als fan van de boeken van Jan Brokken had ik veel zin in dit boek. Brokken beschrijft hierin de vriendschap tussen Alexander von Wrangel en Fjodor Dostojevski. Over de geschiedenis van de familie Von Wrangel schreef hij eerder in Balitische Zielen. Dit waargebeurde verhaal speelt zich af halverwege de negentiende eeuw en wordt verteld vanuit Alexander, die jaren jonger is. Hij ziet Dostojevski voor het eerst als die op weg is naar het vuurpeloton. Dat gaat op het laatste moment niet door, maar Dostojevski wordt wel voor vele jaren verbannen naar Siberië, waar hij dwangarbeid moet verrichten. Alexander wordt daar officier van justitie. Er ontstaat een hechte vriendschap tussen de beide mannen. Alexander koopt een datscha (buitenhuis), waar ze samen een mooie tuin bij aanleggen: de Kozakkentuin.
Ik word niet erg geraakt door de belevenissen van de mannen; ze blijven beiden op afstand. Ik kwam tijdens het lezen wel in de sfeer van 'moedertje Rusland' in de negentiende eeuw, zoals dat onder andere door Tolstoj is beschreven: de adel, de officieren, de verstandshuwelijken, de eindeloze reisafstanden van zoveel 'werst', de liefdespassie.
320 blz.
Als fan van de boeken van Jan Brokken had ik veel zin in dit boek. Brokken beschrijft hierin de vriendschap tussen Alexander von Wrangel en Fjodor Dostojevski. Over de geschiedenis van de familie Von Wrangel schreef hij eerder in Balitische Zielen. Dit waargebeurde verhaal speelt zich af halverwege de negentiende eeuw en wordt verteld vanuit Alexander, die jaren jonger is. Hij ziet Dostojevski voor het eerst als die op weg is naar het vuurpeloton. Dat gaat op het laatste moment niet door, maar Dostojevski wordt wel voor vele jaren verbannen naar Siberië, waar hij dwangarbeid moet verrichten. Alexander wordt daar officier van justitie. Er ontstaat een hechte vriendschap tussen de beide mannen. Alexander koopt een datscha (buitenhuis), waar ze samen een mooie tuin bij aanleggen: de Kozakkentuin.
Ik word niet erg geraakt door de belevenissen van de mannen; ze blijven beiden op afstand. Ik kwam tijdens het lezen wel in de sfeer van 'moedertje Rusland' in de negentiende eeuw, zoals dat onder andere door Tolstoj is beschreven: de adel, de officieren, de verstandshuwelijken, de eindeloze reisafstanden van zoveel 'werst', de liefdespassie.
dinsdag 8 december 2015
Jens Christiaan Grondahl: Portret van een man
Meulenhoff Amsterdam 2014
vertaald uit het Deens door Femke Blekkingh-Muller 2015 367 blz.
Deze roman speelt zich grotendeels af in Denemarken, met uitstapjes naar Berlijn en Rome. De man van wie een portret wordt gemaakt volgen we over een periode van ongeveer een halve eeuw. Hij verliest op jeugdige leeftijd zijn moeder en breekt dan met zijn vader, omdat die meteen een nieuwe verhouding begint. Later wordt hij een enthousiaste leraar. Het boek gaat vooral over zijn relaties met vrouwen. Het heeft een filosofisch tintje, doordat de ik-figuur zichzelf allerlei belangrijke vragen stelt, zoals: Is het genoeg om gelukkig te worden, als je in het leven kiest voor de gulden middenweg? Hoe stel je je op in een maatschappij die te maken heeft met migratie? Hoe gaat je als leraar om met de verminderde interesse van de leerlingen in kunst en literatuur? Waar draait het om in het leven? Volg je hart is het antwoord dat gegeven wordt. Dat doet de hoofdpersoon en hij kent daarin ook zijn grenzen.
maandag 30 november 2015
Kathy Mathijs: Smaak, een bitterzoete verkenning
De Bezige Bij Amsterdam 2015
399 blz. non-fictie
Kathy Mathijs is een Vlaamse die in Nederland woont. Zij is schrijfdocent en zij schrijft over Engelse literatuur en eten. Ze is heel geïnteresseerd in alles wat met voedsel te maken heeft. Dit boek gaat, zoals de titel al aangeeft, over smaak. De titels van de hoofdstukken luiden onder meer: zoet, zout, zuur, bitter, vettig, puur en pittig. Alles wat zij over de desbetreffende smaak kwijt wil, heeft zij opgeschreven. Dat is heel veel, maar het verveelt niet. In het hoofdstuk 'bitter' gaat het over bittere tranen en een bitter hart, over bitterkoekjes en -ballen, maar ook over koffie en thee, over geluiden en muziek, vergeten groenten en tasters en supertasters. De smaak 'pittig' brengt herinneringen op aan scherpe smaken van vroeger en studentenmaaltijden, de kennismaking met de Indiase keuken, gember en kaneel, stille en luidruchtige specerijen, kookboeken en het belang van hoe eten eruitziet.
Het is een zeer persoonlijke ontdekkingsreis in de wereld van de smaak, waarbij de taal en de literatuur een grote rol hebben gekregen.
399 blz. non-fictie
Kathy Mathijs is een Vlaamse die in Nederland woont. Zij is schrijfdocent en zij schrijft over Engelse literatuur en eten. Ze is heel geïnteresseerd in alles wat met voedsel te maken heeft. Dit boek gaat, zoals de titel al aangeeft, over smaak. De titels van de hoofdstukken luiden onder meer: zoet, zout, zuur, bitter, vettig, puur en pittig. Alles wat zij over de desbetreffende smaak kwijt wil, heeft zij opgeschreven. Dat is heel veel, maar het verveelt niet. In het hoofdstuk 'bitter' gaat het over bittere tranen en een bitter hart, over bitterkoekjes en -ballen, maar ook over koffie en thee, over geluiden en muziek, vergeten groenten en tasters en supertasters. De smaak 'pittig' brengt herinneringen op aan scherpe smaken van vroeger en studentenmaaltijden, de kennismaking met de Indiase keuken, gember en kaneel, stille en luidruchtige specerijen, kookboeken en het belang van hoe eten eruitziet.
Het is een zeer persoonlijke ontdekkingsreis in de wereld van de smaak, waarbij de taal en de literatuur een grote rol hebben gekregen.
Abonneren op:
Posts (Atom)